Kerstgang
Nu moet het er toch eens van komen. Wij kregen vier weken om ons voor te bereiden; straks luiden de kerstklokken: Kom dan, kom dan. Maakt u nog geen aanstalten? Laat u dat Kind voor wat het is; andermans kind, waar u niet naar omkijkt? Nee, dat kan niet, dat mag niet. De herders willen ons graag ...